Een training voor honden en autisten

Vaak hebben kinderen met een aandoening uit het autistisch spectrum (ASS) een aantal beperkingen die ze veel minder mobiel maken als ‘gewone’ kinderen.
Veel kinderen met een ASS kunnen bijvoorbeeld zonder toezicht niet alleen buiten spelen. Daarnaast zijn teamsporten voor autistische kinderen vaak erg moeilijk.
Je zult als ouder maatregelen moeten nemen om de vrijetijdsbesteding van het kind op een goede manier in te vullen.


Vrijetijdsbesteding is uiteraard voor alle kinderen belangrijk, maar zeker voor kinderen met een autistische stoornis. Kinderen voelen zich vaak automatisch aangetrokken tot dieren. Het aaien van en knuffelen met een hond blijkt een positieve uitwerking te hebben op het kind. Het blijkt uit meerdere ervaringen dat de omgang van een hond met een autistisch kind een groot verschil kan uitmaken.

Honden zijn in staat om een autistisch kind uit zijn eigen (autistische) wereldje te trekken, door steeds de aandacht van het kind te trekken door middel van pootjes geven, piepen, likken, en dit ook vol te houden. Soms gaat de hond alleen maar naast het kind liggen en “is er gewoon bij”. Een hond voor autistische kinderen moet wel over een aantal “autisten-vriendelijke” karaktereigenschappen bezitten. Zo is het belangrijk dat een hond zich laat aaien en knuffelen, ook de wat meer onhandige en wat hardere knuffels mogen geen probleem zijn voor de hond. Juist daarom is het belangrijk dat de keuze voor een hond en de opvoeding van de hond bewust en doelgericht worden aangepakt. Wij bestuderen doorlopend onze eigen volwassen honden en brengen het gedrag van de honden aan de hand van eerdere ervaringen in kaart. Naast een ruime ervaring met honden in het algemeen en witte herders in het bijzonder hebben we ook een ruime ervaring in de omgang, begeleiding en opvoeding van autistische kinderen. Om een geschikte hond te vinden voor een autistisch kind hebben we een aantal voorwaarden kunnen formuleren.

- Een hond moet rustig genoeg zijn
- De hond moet vriendelijk zijn en een grote “will to please” hebben.
- De hond moet zich laten aaien of knuffelen.
- Daarnaast moet de hond niet te snel schrikken of angstig gedrag vertonen.

We proberen ook om antwoorden te krijgen op vragen die betrekking hebben op het gedrag van de hond in relatie tot autistische kinderen. Bijvoorbeeld:

- Hoe gedraagt de hond zich onder verschillende (plotseling veranderende) omstandigheden?
- Welke factoren versterken of verzwakken het positieve gedrag van de hond?
- Welke karaktereigenschappen lijken aangeboren en welke karaktereigenschappen kunnen worden versterkt?

Als er bij ons een nest pupjes word geboren, noteren we vanaf de geboorte de ontwikkelingen van de pupjes. Niet alleen de gezondheidsfactoren, maar ook de aangeboren aanleg en het karakter wat zich in de eerste fase van het hondenleven begint te ontwikkelen. Als de pupjes 7 weken oud zijn dan kunnen we al aardig goed inschatten wat voor karakter het hondje gaat krijgen of kan ontwikkelen. Belangrijk is wel dat het hondje veel in contact komt met kinderen.


Communicatie

Kinderen met een ASS hebben veel moeite om communicatie tussen mensen te begrijpen. De communicatie tussen mensen verloopt voor het grootste deel ‘non-verbaal’. Autistische kinderen hebben juist daarmee veel moeite. Een uitdrukking op het gezicht kunnen zij moeilijk “lezen”. Bijvoorbeeld: het verschil tussen een 'streng' gezicht en een 'boos' gezicht. Ook hebben zij moeite met uitspraken die tweeledig kunnen worden opgevat. Bijvoorbeeld een opmerking als: “jij bent zeker de leukste thuis” kan door een autist als een compliment worden opgevat, terwijl die die opmerking meestal juist andersom bedoeld werd. Het “lezen” of herkennen van het gedrag van honden moet wel geleerd worden, maar is eigenlijk veel duidelijker dan het lezen van het gedrag van de mens. Is dat misschien een verklaring waarom honden en autisten elkaar zo goed kunnen begrijpen?